Direct contact met ons?
030 72 10 714
Door Irma Tombroek | 26 juli 2018 | Onderwijsrecht

De nieuwe CAO-VO 2018-2019

Ook voor het voortgezet onderwijs geldt dat de werkdruk hoog is. De laatste jaren zijn er steeds meer taken en verantwoordelijkheden voor de leraren bijgekomen. Daarnaast loopt het lerarentekort steeds hoger op. Het werd tijd voor de onderhandelingspartijen om met elkaar in gesprek te gaan om te onderzoeken hoe deze problematiek het hoofd geboden kon worden.

De uitkomst van dit overleg is sinds 1 juni 2018 een nieuwe CAO-VO.  De werkingstijd loopt van 1 juni 2018 tot 1 oktober 2019.

Kern van de CAO is vermindering van de werkdruk. Daarnaast is één van de belangrijkste afspraken dat leraren meer tijd kunnen gaan besteden aan de kwaliteit en de ontwikkeling van het onderwijs.

In deze bijdrage worden de belangrijkste wijzigingen ten aanzien van lesreductie en meer ontwikkeltijd, nieuwe afspraken over salarissen en de onbevoegde leraar, puntsgewijs besproken.

Lesreductie en meer ontwikkeltijd

Vastgelegd is om een aanzet te maken met het reduceren van het aantal lessen, ter vermindering van de werkdruk.

Hoe zal dit gerealiseerd moeten worden?

Het onderwijsprogramma (en in het verlengde daarvan de lessentabel) moet aangepast en vernieuwd worden. Op deze manier komt er meer ruimte vrij voor ontwikkeltijd. De Wet op de onderwijstijd biedt hiertoe handvatten. Het overleg over de aanpassing van de lessentabel vindt plaats tussen de werkgever, de MR en het onderwijzend personeel en wordt in het schooljaar 2018-2019 ingevoerd. Het is van belang dat dit overleg voor 1 maart 2019 is afgerond, waarna de MR instemming dient te geven over het onderwijsprogramma.

Draait een school met een maximale lestaak van 750 klokuren, dan zal dit met ingang van 1 augustus 2019 met 30 klokuren moeten worden verminderd. Deze uren worden vermeerderd met de opslagfactor, waardoor in totaal 50 uur vrijkomt.

Deze uren kunnen in overleg met de leraren ingezet worden als ontwikkeltijd en tijd voor verdere verbreding en verdieping van de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de lestaak. Als  afzonderlijk deel in de jaartaak, (binnen het onderdeel Onderwijsontwikkeling, -verbreding, en –verdieping) worden deze uren vervolgens opgenomen.

Het kan zijn dat de MR uiteindelijk geen instemming voor lessenreductie verleend. Mocht hiervan sprake zijn of leidt aanpassing van de lessentabel tot zwaarwegende organisatorische, financiële of onderwijskundige problemen, dan kan een school besluiten de lessenreductie niet toe te passen. Hiervoor zal dan wel overleg dienen plaats te vinden met de bij de CAO betrokken partijen.

Nieuwe afspraken over salarissen

Per 1 juni 2018 zijn de lonen met 2,35% verhoogd. Voor scholen die in juni deze verhoging op advies van de VO-Raad reeds onverplicht hebben doorgevoerd, geldt deze verplichte verhoging uiteraard niet nog een keer. Per 1 juni 2019 volgt nogmaals een verhoging, nu met 2,15%.

In totaal is er sprake van een loonverhoging van 4,5%.

Daarnaast wordt in oktober 2018 een éénmalige uitkering van 1% van het bruto jaarsalaris toegekend. Dit is een pensioengevende uitkering.

Onbevoegde leraren

Voor onbevoegde leraren is in de nieuwe CAO wederom een uitzondering op de wettelijke ketenbepaling van artikel 7:668a lid 5 BW afgesproken. Zo wordt aangesloten bij de Wet op het voortgezette onderwijs (WVO). Zij-instromers en andere onbevoegde leraren worden op deze manier in de gelegenheid gesteld om naast les te geven, binnen de wettelijke termijn een onderwijsbevoegdheid te halen.

Op basis van de nieuwe CAO blijft het mogelijk om een onbevoegde leerkracht tijdelijk voor twee jaar te benoemen, met een maximum van drie tijdelijke contracten. Voorwaarde is hierbij wel dat er een studieplan wordt opgesteld. Hierin komt de facilitering in tijd en geld vast te liggen en tevens de afspraak dat in principe binnen twee jaar de wettelijke onderwijsbevoegdheid wordt behaald. Lukt dit binnen twee jaar niet , dan kan in bijzondere gevallen het contract voor tweemaal één jaar nogmaals verlengd worden. Hierdoor is het mogelijk om een onbevoegde leerkracht maximaal vier jaar in dienst te houden.

Als een onbevoegde leraar wordt ingezet als vervanger en niet wordt benoemd als onbevoegde docent, is de afwijking van de ketenregeling overigens niet van toepassing.

In hoofdlijnen zijn dit de belangrijkste aanpassingen in de nieuwe CAO-VO.

Mocht je na bovenstaand artikel vragen hebben over dit onderwerp of over een ander onderwijsrechtelijk probleem, neem dan gerust contact op met één van onze onderwijsrechtspecialisten. Wij helpen je graag of je nu werkgever of werknemer bent.


Juridisch advies nodig?

Stel een vraag aan een van onze adviseurs.