Direct contact met ons?
030 72 10 714
Door Daniëlle Crompvoets | 10 januari 2019 | Arbeidsrecht, leaseauto, leasebeleid

Mag een werkgever de leaseauto van zijn werknemers afnemen?

Mijn klant komt de gemaakte afspraken niet na, kan ik me beroepen op het opschortingsrecht?

Op 18 oktober 2018 heeft de kantonrechter van Rechtbank Amsterdam (ECLI:NL:RBAMS:2018:8240) geoordeeld over wijziging van het leasebeleid door Rabobank.

Feiten: In het kader van bezuinigingen heeft Rabobank besloten de centrale autoleaseregeling van Rabobank op alle arbeidsovereenkomsten toe te passen, waarin is bepaald dat het leasecontract niet automatisch wordt vervangen als de looptijd is verstreken. Een leaseauto wordt daarna slechts toegekend als een werknemer meer dan 20.000 zakelijke kilometers per jaar rijdt of uit hoofde van de functiegroep waartoe werknemer behoort, te weten: de vakdirecteuren en medewerkers van het senior of executive kader. Hoewel in een aantal contracten van de werknemers was opgenomen dat het leasecontract niet altijd zou worden vervangen, kregen de werknemers in de praktijk standaard een nieuwe leaseauto na afloop van het contract. Na wijziging van het beleid heeft Rabobank werknemers die niet meer aan de voorwaarden voldeden medegedeeld dat zij hun leaseauto moesten inleveren. Een aantal werknemers stemde hiermee niet in en heeft de kantonrechter ingeschakeld. Zij vorderden onder meer dat de kantonrechter zou verklaren dat het ter beschikking stellen van een leaseauto een arbeidsvoorwaarde is en dat wijziging hiervan niet rechtsgeldig is.

Een leaseauto is een arbeidsvoorwaarde

De kantonrechter oordeelt dat het bezit van een leaseauto – in lijn met vaste jurisprudentie – in dit geval een arbeidsvoorwaarde is, omdat werknemers de leaseauto ook privé mochten gebruiken, waardoor het financieel belang van de werknemers groot is. Het is daarbij niet van belang dat toekenning van een leaseauto niet in iedere arbeidsovereenkomst is overeengekomen. Een arbeidsvoorwaarde kan namelijk ook mondeling worden toegekend, feitelijk ontstaan door een gegroeide situatie of in een ander document dan de arbeidsovereenkomst worden vastgelegd.

Wijziging van de arbeidsvoorwaarde

Rabobank is met een aantal werknemers een eenzijdig wijzigingsbeding overeengekomen en met een aantal werknemers niet.

Wel een eenzijdig wijzigingsbeding

Als partijen een eenzijdig wijzigingsbeding zijn overeengekomen, mag werkgever de arbeidsvoorwaarde eenzijdig (dus zonder toestemming van werknemer) wijzigen als hij daarvoor een zodanig zwaarwichtig belang heeft dat het belang van werknemer, dat door die wijziging zou worden geschaad, daarvoor moet wijken. Van een zwaarwichtig belang is sprake als werkgever in financieel zwaar weer verkeert waardoor het voortbestaan van de onderneming in gevaar is.

Geen eenzijdig wijzigingsbeding

Ook als partijen geen eenzijdig wijzigingsbeding zijn overeengekomen, kan werknemer gehouden zijn met wijziging van een arbeidsvoorwaarde in te stemmen. Deze verplichting vloeit voort uit de verplichting van werknemer zich als goed werknemer te gedragen. In deze situatie heeft werkgever minder ruimte om de arbeidsvoorwaarde te wijzigen dan bij een beroep op een eenzijdig wijzigingsbeding. Door vooraf de mogelijkheid van een wijziging af te spreken, weet de werknemer namelijk dat hij daar rekening mee dient te houden.

Dit betekent dat in het geval dat werknemers met wie een wijzigingsbeding is overeengekomen de wijziging niet hoeven te accepteren, werknemers met wie geen wijzigingsbeding is overeengekomen daarmee zeker niet hoeven in te stemmen.

Geen zwaarwichtig belang

Rabobank voert aan dat zij een zwaarwichtig belang heeft bij de wijziging van de arbeidsvoorwaarde. Het zwaarwichtig belang zou zijn gelegen in haar financiële positie, het harmoniseren van de arbeidsvoorwaarden binnen haar onderneming en het milieubelang. Ook zouden de ondernemersraden een positief advies hebben over het nieuwe leasebeleid hebben gegeven.

De kantonrechter gaat niet mee met deze zienswijze van Rabobank. Hoewel het positieve advies van de ondernemingsraden wel een belangrijk gezichtspunt is, is het niet doorslaggevend, aangezien het nieuwe leasebeleid een zaak is tussen werkgever en haar individuele werknemers. Daarbij komt nog dat Rabobank niet in slechte financiële positie verkeert en haar voortbestaan niet in het geding is. Ook het harmonisatiebelang vormt geen zwaarwichtig belang tot wijziging van de arbeidsvoorwaarde, omdat het verschil in arbeidsvoorwaarden een logisch gevolg is van de fusies in het verleden. Het milieubelang is hoewel nobel eveneens geen zwaarwichtig belang. Rabobank had de arbeidsvoorwaarde dus niet eenzijdig mogen wijzigen en dus hoefden haar werknemers wijziging ervan niet te accepteren.

Tip: Mocht u de arbeidsvoorwaarde(n) van uw werknemer(s) willen wijzigen door bijvoorbeeld de leaseauto(s) niet meer ter beschikking te stellen, dan is het verstandig u daarover goed te laten adviseren. Wij helpen u vanzelfsprekend graag. U kunt daartoe vrijblijvend contact met ons opnemen.


Juridisch advies nodig?

Stel een vraag aan een van onze adviseurs.